Metaaldetectoramateurs die een archeologische vondst doen, moeten die vondst melden. Dat gebeurt nu onvoldoende en daarom moet er meer aandacht komen voor de regels rondom metaaldetectie. Dat constateert de Inspectie Overheidsinformatie en Erfgoed in een onderzoek dat door de minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (OCW), aan de Tweede Kamer is aangeboden.
Legalisering en meldplicht
Met de inwerkingtreding van de Erfgoedwet in 2016 werd voor metaaldetectie een uitzondering ingevoerd op het opgravingsverbod. Sindsdien mogen metaaldetectoramateurs op veel plaatsen met een metaaldetector op zoek naar archeologische vondsten, mits zij zich aan bepaalde regels houden. Zo mag er niet dieper worden gegraven dan 30 cm en is het niet toegestaan om te zoeken op bepaalde beschermde terreinen zoals een rijksmonument of een lopende archeologische opgraving. Ook moeten vondsten worden gemeld (meldplicht). Het melden van vondsten is belangrijk, want zo komt de bijbehorende informatie beschikbaar voor wetenschappelijk onderzoek.
Beeld: © Inspectie Overheidsinformatie en Erfgoed
Meldpunten
Vondsten worden op verschillende plekken gemeld. De twee voornaamste meldpunten zijn Archis, het centrale archeologische informatiesysteem van de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, en PAN, een platform dat in 2016 is opgezet voor de registratie van particuliere metaaldetectievondsten.
Meer gemelde vondsten, nog niet genoeg melders
De Inspectie constateert in haar onderzoek dat de meldplicht voor metaaldetectievondsten op dit moment onvoldoende functioneert. Sinds de legalisering van metaaldetectie worden meer vondsten gemeld, vooral bij PAN. Tegelijkertijd is het duidelijk dat de stijging van de hoeveelheid gemelde vondsten achterblijft bij het aantal metaaldetectoramateurs. Per jaar melden nu rond de 500 metaaldetectoramateurs hun vondsten. Dit aantal is relatief laag vergeleken met het geschatte aantal van 3.000 tot 7.000 zoekers in Nederland. Het aantal melders groeit weliswaar elk jaar, maar die toename is te beperkt om te verwachten dat op korte termijn een meerderheid van de zoekers hun vondsten meldt. Tegelijkertijd juicht de Inspectie de toename van het aantal gemelde vondsten toe. Elke geregistreerde vondst verrijkt immers de kennis over het verleden.
Bevordering van het melden van vondsten
De Inspectie beveelt de minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap aan de regels rondom metaaldetectie opnieuw onder de aandacht te brengen en het belang van het melden te benadrukken. Hierbij onderstreept de Inspectie het belang van het actief betrekken en ondersteunen van belangenorganisaties die in de afgelopen jaren het melden van vondsten hebben bevorderd. Ook beveelt de Inspectie aan te kijken naar mogelijkheden om de meldplicht strenger af te dwingen.