Taken en bevoegdheden Archeologie

Taken

De Inspectie Overheidsinformatie en Erfgoed heeft de volgende taken:

  • Toezien op de naleving van wet- en regelgeving van het archeologiebestel, opgravingen, vondsten en archeologische monumenten  (zie wet- en regelgeving);
  • Toezien op het stelsel van certificering;
  • Toezien op partijen die uitgezonderd zijn van de certificeringsplicht;
  • Incidenteel toezien op certificaathouders die opgravingen verrichten;
  • Reageren op meldingen van incidenten;
  • Aan de bewindspersoon van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (OCW) rapporteren en adviseren over de werking van het archeologisch bestel;
  • Inspecteren van wettelijk beschermde archeologische monumenten.

Bevoegdheden

Regels over handhaving en toezicht staan in de Algemene wet bestuursrecht en in hoofdstuk 8 van de Erfgoedwet. Op grond hiervan heeft de Inspectie diverse bevoegdheden. Zo volgt hier uit dat uitvoerders van opgravingen alle medewerking moeten verlenen aan inspecties van de Inspectie. 

Bij (dreigende) schade aan archeologische monumenten kan de bewindspersoon voorschriften geven voor de uitvoering van het werk. De werkzaamheden kunnen ook geheel of gedeeltelijk worden stilgelegd.

Ook beschikt de Inspectie over opsporingsambtenaren die bevoegd zijn opsporingshandelingen te verrichten bij overtredingen van de Erfgoedwet, zoals het doen van illegale opgravingen  of opgravingen zonder certificaat. Zij mogen bijvoorbeeld:

  • een woning binnentreden zonder toestemming van de bewoner, en met medeneming van de benodigde apparatuur;
  • ruimten en voorwerpen verzegelen, voor zover dat voor de uitoefening van de in artikel 5:17 van de Algemene wet bestuursrecht bedoelde bevoegdheden redelijkerwijs noodzakelijk is;
  • inzage vorderen van zakelijke gegevens en bescheiden en daar kopieën van maken, zo nodig met behulp van de sterke arm.