Bruikleen en de Brexit, voor nu een praktische oplossing

Eind februari berichtten de ministeries van OCW en Financiën/Douane dat musea rekening moeten houden met de douaneformaliteiten bij een no-deal Brexit. Maar is er voor nu een praktische oplossing.

Brexit

Het zag ernaar uit dat invoerrechten moeten worden betaald voor cultuurgoederen die voor 29 maart 2019 als bruikleen naar het Verenigd Koninkrijk zijn gegaan en na 29 maart 2019 in Nederland terug zouden keren.

Voor cultuurgoederen die zich op dit moment als bruikleen bevinden in Groot-Brittannië is er nu een praktische oplossing. Als musea met de gebruikelijke transportdocumenten aan kunnen tonen dat sprake is van terugkerende goederen, hoeven geen invoerrechten te worden betaald.

Deze oplossing zal tot drie jaar gelden na de Brexit, en geldt ook voor langdurige bruiklenen die zich nu in het Verenigd Koninkrijk bevinden. De goederen moeten terugkeren in ongewijzigde staat, dat wil zeggen in de staat waarin zij werden uitgevoerd. In de praktijk betekent dit dat bij terugkeer van de bruiklenen vanuit Groot-Brittannië naar Nederland geen BTW-afdracht zal gelden.

Meer weten

Op EU-niveau wordt nog veel gesproken over de uittreding van het VK. Blijft u daarom de ontwikkelingen op deze site volgen. Voor verdere vragen verwijzen we u naar uw gebruikelijke douane contactpersoon of neem contact op met de Inspectie.